| |
|
 |
titel:
taal is de oorsprong van identiteit
een beeld-van-het-zelf, ik,
het idee een persoon te zijn: als object
vervaagt het ZELF (eenZIJN met je bron)
eigenschappen, een wil, een doel
zijn hulpmiddellen om te functioneren
zoals een hamer handig is om een spijker in te slaan
|
 |
| |
het bedachte ik...
zwerft van verleden naar toekomst
uit herinnering naar verwachting
dit 'ik' wordt het centrum van zijn eigen aandacht
en het ware Zelf: de bron: het nu dat van moment naar moment
vitale, levende werkelijkheid is
wordt eerst vergeten en later opnieuw gezocht:
wie, wat ben ik? |
| |
het formaat van het schilderij is 80 x 100
er is een C-prent van in kleine oplage |